Fort Casso/Rohrbach

Rohrbach-Lès-Bitche, Rue des Vignes N62, Maginotlinie

.

 
>> Fotopagina <<
 

Ouvrage Rohrbach of Fort Casso is een klein ouvrage in de Maginotlinie en ligt bij Bettvillier in de naaste omgeving van Rohrbach-les-Bitche in het departement Moselle. De versterkte sector Rohrbach werd later gebouwd dan de oostelijke en westelijke sector. Tezamen met de posities in het uiterste westen van de Maginotlinie stonden ze bekend onder de “Nieuwe Fronten”.

Vroege ontwerpen laten een sterke fortificatie met dertien gevechtsblokken zien. In 1933 werd dit ontwerp teruggebracht tot twee grote ouvrages, een klein ouvrage(Rohrbach), vijftien kazematten en acht abri’s.  De versterkingen zijn geconcentreerd rond het militairen kamp in Bitche en het dorp Petit-Réderching; in Rohrbach zelf werd niets gebouwd. Door een besluit van maarschalk Pétain in 1929 kwam de prioriteit bij de verdediging van de vlakte in de Elzas te liggen. Het zwakke gebied tussen de rivieren Saar en Lauter moest verdedigd worden door drie grote ouvrages die tussen 1929 en 1933 gebouwd zouden worden. Door de verlaging van het beschikbare budget werd de bouw van de artillerieblokken van Rohrbach uitgesteld en uiteindelijk werden alleen de infanterieblokken gebouwd. Naarmate het project vorderde, werd het beschikbare krediet verdeelt tussen Rohrbach en zijn buren.



De CORF (commissie voor de organisatie van de versterkte regio’s) was de organisatie die toezicht hield op de ontwerpen en de uitvoering van de bouwwerkzaamheden. De bouw van Rohrbach werd goedgekeurd in juni 1934. In een tweede fase zou het kleine ouvrage worden uitgebreid tot een groot ouvrage door de toevoeging van een aparte munitie- en manschappeningang, een groot munitiemagazijn (M1), een ondergrondse kazerne, twee blokken met een 75mm hefkoepel, een blok met een 135mm hefkoepel, een kazemat met drie 75mm kanonnen en een hefkoepel met een 145 kanon voor de lange afstand. Rohrbach-les-Bitche ligt op een vlakte tussen de heuvels van de Vogezen en de Saarvallei; de krijtlagen worden geëxploiteerd.  De vallei strekt zich uit tot in Duitsland en vormt een natuurlijke aanvalsroute.

De gebouwde delen van Rohrbach liggen op de rand van een rug, terwijl het merendeel van de voorgestelde blokken alsmede de ingangen enige honderden meters naar achter in een ravijn geprojecteerd waren. De hoofdgalerij zou onder het dorp lopen..

Het ouvrage bestaat uit een ingangsblok en twee infanterieblokken.

  • Blok 1: infanterieblok met twee GFM koepels voor nabijheidverdediging en waarneming, een intrekbare hefkoepel voor 2 gemengde wapens, een schietgat met 47mm anti-tankkanon in combinatie met een dubbele mitrailleur en twee schietgaten met een dubbele mitrailleur
  • Blok 2: ingangsblok met een GFM koepel en koepel voor een gemengd wapen
  • Blok3: infanterieblok met twee GFM koepels voor nabijheidverdediging en waarneming, een intrekbare mitrailleurhefkoepel, een schietgat met 47mm anti-tankkanon in combinatie met een dubbele mitrailleur en twee schietgaten met een dubbele mitrailleur


Een aantal losse kazematten en infanterieschuilplaatsen ligt in de buurt van Rohrbach, zoals Kazemat Station-de-Rohrbach: dubbele kazemat met  twee schietgaten met een 47mm anti-tankkanon in combinatie met een dubbele mitrailleur, een schietgat voor een dubbele mitrailleur, een koepel voor een gemengd wapen en twee GFM koepels type B. Abri Rohrbach: bovengrondse abri met twee GFM-koepels type B.

In 1929 bestond het garnizoen onder bevel van kapitein de Saint-Ferjeux 173 soldaten en onderofficieren en 3 officieren. Deze eenheden waren onderdeel van het 4de Leger van Legergroep 2. Het kazernedorp Binning was het onderkomen in vredestijd voor Rohrbach en de andere posities in de streek. Op 15 juni 1940 kwam het garnizoen van Rohrbach voor het eerst in direct contact met Duitse troepen. Een patrouille raakte in gevecht met een Duitse eenheid van de 262ste infanteriedivisie, waarbij luitenant Damour, bevelhebber van de eenheid en een Franse soldaat sneuvelden. Later op de dag kregen de eenheden die posities in de sector bezetten, de opdracht om zich voor te bereiden op een terugtocht, waarbij uitrusting voor het vertrekt gesaboteerd moest worden.  Op 16 juni stuurden de Duitsers grote eenheden via de doorbraak in het front in  de Saarvallei, zodat ze achter de Maginotlinie kwamen.

Op 17 juni was Rohrbach omsingeld. Op 19 juni beschoot Simserhof Duitse infiltraties in de buurt van Rohrbach. Op 21 juni vond er een grootscheeps aanval tegen Welschoff plaats, die door artillerievuur van Simserhof gestopt werd. Haut-Poirier, dat verder naar het westen lag en buiten het bereik van Simserhof, moest zich overgeven. Ondanks artillerievuur op 22 en 23 juni moesten een aantal kazematten zich na een Duitse aanval overgeven. Rohrbach en Simserhof bleven ook op 24 juni de Duitse troepen bestoken tot aan de wapenstilstand van Compiègne  die om middernacht in werking trad. De bemanning gaf zich op 30 juni formeel over. Rohrbach werd door de oprukkende Amerikaanse troepen op 10 december 1944 bevrijd; de terugtrekkende Duitse troepen saboteerden de installaties. Rond 1951 werden een aantal ouvrages in het noordoosten, waaronder Rohrbach, hersteld. Dit met het doel om hun gevechtskracht te vernieuwen om een eventuele aanval van het Warschaupact te blokkeren. Rohrbach en andere posities werden onderdeel van de môle de Bitche, een versterkte positie. Nadat Frankrijk een kernmacht was geworden nam de belangrijkheid van de Maginotlinie af. In de jaren 1970 werd Rohrbach gedeactiveerd.

Vanaf 1987 zijn vrijwilligers uit de omgeving met de steun van de gemeente Rohrbach-lès-Bitche begonnen met de restauratie. In 1989 werd de Stichting Fort Casso opgericht om dit werk te steunen. Tegenwoordig is Rohrbach een museum. De huidige naam herinnert aan de genieofficier luitenant Casso.

 

bron: Wikipedia.org

Vertaling: Hans Vermeulen